Naar inhoud

Distelbestrijding

foto akkerdistel
Als burger ben je verplicht om schadelijke distels op te ruimen.
Deze verplichting vinden we terug in de wet van 2 april 1977 en het Koninklijk Besluit van 19 november 1987 over de bestrijding van organismen die schadelijk zijn voor planten en plantaardige producten.

De vier distels die bestreden moeten worden zijn de akkerdistel, de kruldistel, de speerdistel en de kale jonker.
De bloei, zaadvorming en uitzaaiing moet voorkomen worden. Het is voornamelijk de akkerdistel die last bezorgt. De overige soorten komen minder voor en zijn ook minder agressief.

Het maaien verdient de voorkeur. Dit geeft het beste resultaat bij een hoogte van 20 tot 25 cm als de bloemknoppen nog gesloten zijn.
Bij te vroeg maaien vormt de plant een tweede keer bloemen. Bovendien zijn de planten dan het zwakst omdat ze dan weinig voedselreserves hebben. Een tweede bestrijding in september is vaak aangewezen.

In natuurgebieden kan een vrijstelling verleend worden voor de bestrijding van de kale jonker die normaal niet in akkers groeit.